biotoop: de omgeving waar een dier of plant leeft met bijbehorende leefomstandigheden.
waardplant: een plant waar een insect op leeft of zijn eitjes op legt.
inheems: betekent dat een plant of dier van nature en oorsprong in een gebied voorkomt.
Wilde, ongerepte hoekjes op een erf zijn echte kraamkamers voor insecten en vlinders. Wist u bijvoorbeeld dat de brandnetel een belangrijke waardplant is voor minimaal 30 inheemse vlindersoorten?
Dag-vlinders: Dagpauwoog, Kleine Vos, Atalanta, Landkaartje en Gehakkelde aurelia.
Nacht-vlinders: Brandnetelmot, Brandnetelbladroller, Brandnetelstippelmot, Brandnetelspanner, enz.
Een kaal, strak opgeruimd erf biedt dus weinig kansen voor vogels insecten en andere dieren. Kies daarom een
paar rustige, ongebruikte plekken op uw erf en laat deze bewust verwilderen. Zo creëert u een waardevolle
leefomgeving voor talloze soorten en draagt u bij aan een rijker en levendiger erf.
Bouw van een flinke stapel snoei- of haardhout een takkenril op het erf. Deze biedt de Steenuil een veilige
schuilplaats en uitkijkpunt. Vooral in de winter wanneer voedsel schaars is, kan de takkenril uitgroeien tot een
belangrijke voedselbron voor uilen. Doordat er relatief veel muizen in en rondom de houtstapel leven, fungeert
deze als een aantrekkelijk jachtgebied en een natuurlijke ‘muizenhotel’. Hierdoor blijft er ook in koude en
moeilijke perioden voldoende prooi beschikbaar voor de Steenuil.
Heeft u interesse in een takkenril?
De werkgroep Steenuilen Groningen kan u helpen bij de aanleg.
Fruit- en notenbomen zijn een mooie én nuttige toevoeging aan uw tuin of erf. Tijdens de bloei trekken ze veel
bijen, vlinders en andere insecten aan, die belangrijk zijn voor de bestuiving en tegelijk voedsel vormen voor
vogels en andere dieren. Ook gevallen fruit heeft waarde: wanneer het op de grond blijft liggen en rot, trekt het
insecten, wormen en kleine dieren aan. Oude fruitbomen met natuurlijke holtes zijn bovendien de favoriete
broedplek van de Steenuil. Helaas zijn dit soort bomen bijna helemaal verdwenen, waardoor het tegenwoordig
aan geschikte nestplaatsen ontbreekt. Al we geen fruitbomen meer planten komen ze ook niet weer terug!
plantadvies bomen:
Vraag advies bij uw lokale kweker, elke boomsoort heeft specifieke wensen.
Het aanleggen van bloem- en kruidenrijke stroken op uw erf of in uw tuin draagt bij aan een hogere biodiversiteit en een sterker erfbiotoop. Door te kiezen voor inheemse plantensoorten die van nature voorkomen in de provincie Groningen, sluit u aan bij het lokale ecosysteem en ondersteunt u insecten, vogels en andere dieren. De inheemse soorten en het bijbehorende plantadvies zijn hieronder overzichtelijk verdeeld in drie categorieën.
1. Inheemse struiken
Struiken zorgen voor structuur, beschutting en voedsel en vormen een vaste basis binnen het erfbiotoop.
Meidoorn (Crataegus monogyna) - geschikt voor hagen en erfafscheidingen, biedt nestgelegenheid.
Vlier (Sambucus nigra) - waardevol voor insecten en vogels door bloesem en bessen.
Hondsroos (Rosa canina) - vormt dichte struiken met bottels voor vogels in de winter.
De Vuilboom (Frangula alnus) - belangrijke drachtplant voor de honingzoekende bijen.
plantadvies struiken:
Plant struiken langs perceelranden, sloten of erfafscheidingen voor extra beschutting.
De beste plantperiode is de herfst of winter (november–maart), zolang het niet vriest. Geef jonge struiken in het eerste jaar voldoende water en snoei terughoudend om bloei en vruchtvorming te bevorderen.
2. Inheemse kruiden
Inheemse kruiden zijn belangrijk voor bestuivende insecten en dragen bij aan een soortenrijke bodemvegetatie.
Gewone rolklaver (Lotus corniculatus)-nectarplant voor bijen, vlinders, geschikt voor schrale gronden.
Smalle Weegbree (Plantago lanceolata)- waardplant voor vlinders, goed bestand tegen betreding.
Duizendblad (Achillea millefolium)- bloeit langdurig en trekt veel insecten aan.
Boerenwormkruid (Tanacetum vulgare)-Een plant die insecten aantrekt en goed gedijt in de regio.
Plantadvies kruiden:
Zaai kruiden op een zonnige tot halfschaduwrijke plek op voedselarme tot matig voedselrijke grond.
Zaai bij voorkeur in het voorjaar (april–mei) of in het najaar (september). Maai één tot twee keer per jaar en voer het maaisel af om de kruidenrijkdom te behouden.
3. Inheemse bloemen
Bloemen zorgen voor kleur en vormen een belangrijke voedselbron voor bestuivende insecten.
Knoopkruid (Centaurea jacea) – zeer aantrekkelijk voor bijen en vlinders.
Wilde margriet (Leucanthemum vulgare) – kenmerkende soort van bloemrijke graslanden.
Beemdkroon (Knautia arvensis) – langbloeiend en ecologisch zeer waardevol.
Echte koekoeksbloem (Silene flos-cuculi) – geschikt voor wat vochtigere gronden en belangrijk voor insecten.
plantadvies bloemen:
Bloemen kunnen worden ingezaaid in mengsels op zonnige locaties met een voedselarme bodem. Vermijd
bemesting en kies voor inheemse zaden die geschikt zijn voor Noord-Nederland. Maai bij voorkeur na de bloei
(juli/augustus) en eventueel nogmaals in het najaar.
Geef de Steenuil toegang tot een schuur of hang een geschikte nestkast op.
In het kader van het project ‘’Steenuilen kennen geen grenzen’’ plaatsen we op een geschikt (gemaakt) erf,
kosteloos een nestkast. Dit wordt verzorgd door de werkgroep Steenuilen Groningen.
Zo zorgen we samen voor een veilige en geschikte broedplek voor de Steenuil.
(De nestkast blijft eigendom van de Stichting Steenuilen Groningen.)
Check ook onze Groninger Erfscan en ontdek hoe kansrijk uw erf op dit moment is.
