Rode lijst
De steenuil is de bekendste van de kleinere uilensoorten. In ons land is hij van oudsher een bekende verschijning in vooral kleinschalig agrarisch cultuurlandschap. De steenuil schuwt de menselijke omgeving niet en broedt vaak op boerenerven, vooral als deze voldoende natuurlijke variatie bieden. Dan kan een steenuil op een klein oppervlak alles vinden wat hij nodig heeft. Vanaf paaltjes of andere verhogingen zoekt de steenuil naar voedsel en vliegt daar in golvende vlucht op af.
De steenuil is nauwelijks groter dan een merel maar oogt toch wat forser door z’n opgezette veren. Het verenkleed is overwegend bruin tot grijsbruin met witte streepjes en druppelvormige vlekken. Opvallend zijn de felgele ogen en lichte ‘wenkbrauwen’. Het achterhoofd lijkt een kopie van het voorhoofd met toegeknepen ogen. In rust is zijn postuur gedrongen, bij waakzaamheid rekt de uil zich uit. Niet altijd zichtbaar zijn de lange, bevederde poten.
Rode lijst
De steenuil is de bekendste van de kleinere uilensoorten. In ons land is hij van oudsher een bekende verschijning in vooral kleinschalig agrarisch cultuurlandschap. De steenuil schuwt de menselijke omgeving niet en broedt vaak op boerenerven, vooral als deze voldoende natuurlijke variatie bieden. Dan kan een steenuil op een klein oppervlak alles vinden wat hij nodig heeft. Vanaf paaltjes of andere verhogingen zoekt de steenuil naar voedsel en vliegt daar in golvende vlucht op af.
De steenuil is nauwelijks groter dan een merel maar oogt toch wat forser door z’n opgezette veren. Het verenkleed is overwegend bruin tot grijsbruin met witte streepjes en druppelvormige vlekken. Opvallend zijn de felgele ogen en lichte ‘wenkbrauwen’. Het achterhoofd lijkt een kopie van het voorhoofd met toegeknepen ogen. In rust is zijn postuur gedrongen, bij waakzaamheid rekt de uil zich uit. Niet altijd zichtbaar zijn de lange, bevederde poten.
De steenuil is de kleinste in ons land broedende uilensoort. Door de bolle kop en het relatief dikke verenpak lijkt hij groter dan hij is. Met een lichaamsgrootte van 21 – 23 cm en een vleugelspanwijdte van 54 – 58 cm is hij echter nauwelijks groter dan een zanglijster of merel. Gemiddeld zijn vrouwtjes iets groter en zwaarder dan mannetjes (170 à 260 gram vs. 150 à 240 gram). Ook het verenkleed is zo goed als gelijk. Beide geslachten zijn dan ook niet van elkaar te onderscheiden in het veld.
De steenuil leeft solitair. Hij zit, ook overdag, veel op daken, telegraafpalen, in een knotwilg of op een weidepaaltje en wipt en buigt bij verstoring. De vogel wordt dankzij zijn kleine formaat weinig opgemerkt. Hij maakt wel veel lawaai, met name van oktober tot februari is zijn roep vaak te horen. Deze bestaat uit een schel en fluitend 'kieuw-kieuw', 'koewiet' of 'kwief'. Bij het nest klinkt de roep als 'kiff, kiff' of 'kef, kef'. De zittende vogel roept een langgerekt 'hoe.....k', dat gemakkelijk is na te bootsen, waarop de partner antwoordt, vooral in de schemering.

Steenuilen hebben een gevlekt verenkleed. De bovenzijde is bruin met witte spikkels en de onderzijde witachtig en dicht bruingestreept. Door de lichte wenkbrauwstrepen vallen vooral de grote ogen met felgele iris en zwarte pupil op (zie ook het logo van STONE). De poten zijn lang en wit bevederd.
De steenuil heeft een brede voedselkeuze. Hij jaagt vanaf uitkijkposten of op de grond en pakt wat hij te pakken kan krijgen. Op het menu staan vogels, zoogdieren, insecten, regenwormen en amfibieën; ook qua biomassa minder belangrijke prooien als spinnen, slakken, duizendpoten e.d. versmaadt hij niet als het zo uitkomt. Vogels verschalkt hij vooral in jaren dat er weinig muizen zijn. Het gaat meestal om nog niet vliegvlugge jongen van algemene soorten als mus, merel en spreeuw. Daarnaast komt nog een heel scala aan vogelsoorten in aanmerking als prooi, waaronder ook wel eens relatief grote soorten als houtduif of vlaamse gaai. In jaren met veel muizen vormen kleine zoogdieren het stapelvoedsel van de steenuil; veldmuis en bosmuis zijn dan favoriet; hij vangt echter regelmatig ook andere soorten: rosse woelmuis, aardmuis en diverse soorten spitsmuizen. Soms weet hij ook een mol, woelrat of zelfs een vleermuis te bemachtigen.

foto: André Eijkenaar

Een steenuil met een veldmuis, foto: André Eijkenaar